De vollen emmer
In dit artikel:
De schrijver fietst langs een colonne luid claxonnerende tractoren die onderweg is naar het provinciehuis. De boeren protesteren tegen het stikstofbeleid, nadat de provincie vijf pluimveehouders hun natuurvergunning wil afnemen en hen tot stoppen wil dwingen. Hij begrijpt de boosheid, maar vraagt zich ook af of boeren jarenlang niet op het verkeerde spoor zijn gezet.
Hij herinnert zich de tijd waarin een boer nog vier of zes koeien hield, die met de hand werden gemolken. Zijn buurman leefde als een ouderwetse boer: met een paar koeien in het achterhuis, water uit de put en eenvoudige maaltijden. Als kind dronk de schrijver zelf dat ijzerrijke putwater en at hij zuring langs de sloot.
Later kwamen grotere bedrijven met melkstallen en tientallen koeien. De Boerenleenbank stimuleerde boeren om steeds verder uit te breiden en te investeren in grotere stallen. Meer koeien betekenden meer melk en inkomsten, terwijl de extra mest en stikstofproblemen nauwelijks aandacht kregen; daarover werd in de jaren zeventig nog weinig gesproken.
De neef van de schrijver volgde dat advies en breidde uit tot meer dan honderd koeien. Na de komst van een automatische melkrobot leken de dieren gezonder en vitaler. Uit nieuwsgierigheid sloot hij zichzelf op het apparaat aan. Toen hij vervolgens vast kwam te zitten, leerde hij dat de robot pas vanzelf loslaat wanneer de emmer vol is. Met deze anekdote relativeert de schrijver de vooruitgang en de vergaande automatisering op moderne boerenbedrijven.
Vandaag Inside: Johan Derksen enthousiast over Oranje-international: ‘Prettiger dan Memphis’