Historisch Heusden - 258 De Emmamolen van Nieuwkuijk
In dit artikel:
De Emmamolen in Vlijmen werd in 1886 gebouwd in opdracht van molenaarsweduwe Maria Rombouts-Peters, voor haar zoon Janus. De stellingmolen verrees aan de Meerdijk, ten westen van de weg tussen Nieuwkuijk en Helvoirt. De open omgeving bood voldoende windvang. Het wiekenkruis heeft een vlucht van 24,6 meter. In 1890 kreeg de molen zijn naam ter ere van koningin-regentes Emma van Waldeck-Pyrmont. Generaties van de familie Rombouts werkten er als molenaar.
De ronde, bakstenen bovenkruier telt meerdere verdiepingen en heeft een stelling rondom de romp. De molen staat sinds 1967 geregistreerd als rijksmonument (nummer 37876). Na de Tweede Wereldoorlog verdwenen de andere windmolens van Vlijmen, waardoor ook de Emmamolen bedreigd werd. Om sloop en verval te voorkomen, kocht de gemeente Vlijmen het gebouw in 1960 van André Rombouts voor 5.000 gulden.
De gemeenteraad keurde in 1963 een restauratieplan goed. De werkzaamheden werden uitgevoerd door aannemer Nico de Bont uit Nieuwkuijk en molenbouwer M. Bos uit Almkerk. De restauratie bleek veel uitgebreider dan voorzien: de kosten liepen op van 36.486 naar 84.921 gulden. Op 27 november 1967 werd de molen feestelijk heropend. In datzelfde jaar werd hij uitgeroepen tot ‘Molen van het Jaar’. De oorspronkelijke ijzeren stelling werd in 1993 vervangen door een houten exemplaar, dat beter bij het historische uiterlijk past.
De molen bevat onderdelen van verschillende herkomst. Opvallend is de ongeveer vijf meter lange gietijzeren bovenas, die in 1853 door Penn en Comp. in Dordrecht werd gegoten. De kap rust op stalen rollen en kan met een kruilier naar de wind worden gedraaid. Aan de bovenas zitten het bovenwiel en de vang, waarmee de molenaar de wieken aandrijft, afremt of stilzet. De huidige wieken hebben gelaste roeden van Derckx; de oude geklonken roeden uit de periode tot 1987 liggen naast de molen.
De aandrijving loopt via houten wielen en de koningsspil, een verticale as die door de molen voert. Met het luiwerk kunnen zakken graan of meel tussen de verdiepingen worden verplaatst. Op de steenzolder staan maalstenen: een draaiende bovensteen, de loper, en een vaste ondersteen, de ligger. Het graan valt vanuit een trechter tussen de stenen en wordt daar vermalen. Door de afstand tussen de stenen aan te passen, bepaalt de molenaar de fijnheid van het meel. Het gemalen graan komt vervolgens op de meelzolder in zakken terecht.
Sinds 1993 wordt de molen verpacht. Kees van Buul leerde er het vak en kreeg les van André Rombouts. Op de benedenverdieping werd bovendien een horecagelegenheid ingericht. Rombouts en molenkenner Kees Fitters zetten zich jarenlang in voor het behoud van de molen en de kennis van het molenaarsambacht. De Emmamolen is nog altijd maalvaardig. Bij voldoende wind wordt op beperkte schaal spelt gemalen voor brood, naast rondleidingen en demonstraties voor bezoekers.
Vandaag Inside: Staat Vandaag Inside het werk van strafrechtadvocaat Job Knoester in de weg?