Monumenten en Heusdens Erfgoed - 294
In dit artikel:
In het heidegebied De Lage Heide lag aan het begin van de 19e eeuw de Heistraat, een verbindingsweg tussen twee doorgaande wegen richting ’s‑Hertogenbosch en Waalwijk. Rond 1888 sneed de nieuw aangelegde spoorlijn Lage Zwaluwe–’s‑Hertogenbosch de straat; er kwam een spoorwegovergang en een toegangsweg naar het stationsterrein. Bij de aanleg van De Maasroute verloor de overweg in 1960 zijn functie en werd de voormalige verbindingsweg, nu Burgemeester van der Venstraat, een doodlopende straat.
Aan die straat stonden de woningen die tegenwoordig bekend zijn als nummers 33 en 35. Beide panden dateren van eind 19e eeuw (respectievelijk 1878 en 1871) en werden gebouwd door erfgenamen van landbouwer Adrianus Thomas Kuijs (1768–1855). Zijn kleindochter Petronella Kuijs (1859–1929) en haar man Adrianus Heesbeen (1855–1935) verzorgden in 1916 een uitbreiding van nummer 35 en lieten nummer 33 in 1924 aanpassen.
Huisnummer 33 is een eenlaagse woning met mansardedak, gedekt met blauwgesmoorde tuile‑du‑nord pannen. De gevel bestaat uit hardgrauwe baksteen in kruisverband, afgewerkt met een lintvoeg en een gecementeerde plint; boven de ramen zijn strekken van anderhalve steen zichtbaar. Oorspronkelijk kwam de toegang via een voordeur in de gang tussen de twee woningen; die deur is nu vastgezet en de huidige entrees bevinden zich in de linker zijgevel.
Nummer 35 kreeg in 1916 een voorhuis van ruim vijf meter dat volgens de vergunning als kruidenierswinkel met proeflokaal diende, waardoor de gevel twee toegangsdeuren kreeg. Na verlies van de winkelbestemming en samenvoeging van de woningen werd de voorgevel in 1975 vernieuwd en vervangen door twee smallere vensters. Het zadeldak is sinds circa 1970 gedekt met Verbeterde Holle pannen; de gevel is uitgevoerd in roodbruine baksteen met een witte knipvoeg (vernieuwd in 1990). Ramen zijn schuiframen met drieruits bovenlichten; boven de ramen bevinden zich getoogde rollagen van lichtgroen geglazuurde stenen en sierankers. Ook hier is de plint gecementeerd.
Het voorhuis van nummer 35 functioneerde lange tijd als winkel en proeflokaal, vooral gericht op voerlieden en andere reizigers naar het nabijgelegen station. Voor de deur stond een houten paardenkrib en aan de gevel hing een bord met de naam van het etablissement: “SPOORZICHT KOFFIEHUIS”. Petronella Heesbeen‑Kuijs was de drijvende kracht; rond 1930 nam dochter Nellie van Buul‑Heesbeen het bedrijf over. Nellie stopte met het cafédeel en hield een gemengd handelsassortiment (kruidenierswaren, textiel, breiwol, klompen, zelfs lijkwaden). In 1949 was zij met twee stands aanwezig op de Middenstandstentoonstelling VLIJMITO. In 1962 volgde dochter Leny het winkelen op, dat in 1969 werd beëindigd.
De beschreven woningen illustreren hoe infrastructuur (spoor en later autoweg) en familiebedrijven het dorpsbeeld en de functie van gebouwen langs de weg en bij het station in Vlijmen ingrijpend bepaalden.
De Oranjezomer: Michiel Kramer is geen fan van Wout Weghorst: 'Het is een klein kwalletje'